Naamgeefster

Catharina

Catharina (287-306) werd in de derde eeuw geboren in Alexandrië in Egypte als de dochter van koning Costus. Dit is evenwel niet zeker, en ook al het andere overgeleverde berust op legendes. Er wordt gezegd dat ze erg mooi was, rijk en hoogbegaafd. Ook was ze erg trots. Geen enkele aanbidder vond ze goed genoeg. Op een dag trof Catharina een oude kluizenaar die haar vertelde dat Jezus Christus haar bruidegom zou worden. Deze uitspraak maakte veel indruk op het meisje en ze besloot een nieuw leven te beginnen. Ze ging naar een priester en liet zich dopen. Zij ontmoette Christus vaak in dromen en visioenen. In deze dromen werd hun band zo hecht dat zij zich met hem verloofde.

Eens werd in Alexandrië een feest gevierd ter ere van de goden en iedereen die iets betekende werd uitgenodigd deel te nemen. Ook Catharina ontving deze uitnodiging en werd verzocht iets mee te nemen om aan de goden te offeren. Ze besloot naar Alexandrië te reizen om de keizer (Maximinus II of Maxentius) te vertellen dat zijn goden afgoden waren en niet vereerd mochten worden.

Door haar redekunst wist zij de heersers in verlegenheid te brengen. De keizer riep daarop de 50 beste filosofen en retoren bij elkaar met de bedoeling om haar met haar uitspraken door de mand te laten vallen. Maar toen het moment daar was hield Catharina zich met gemak staande tegen alle argumenten. Van de weeromstuit bekeerden alle aanwezigen zich tot het christendom. De woedende keizer veroordeelde daarop de 50 geleerden tot de brandstapel. Tot het laatste moment stond Catharina de 50 mannen terzijde. Daarop werd zij zelf gevangen genomen en in de kerker geworpen. Ze onderging vreselijke folteringen. Ze werd bijvoorbeeld op raderen met nagels gebonden. Er wordt gezegd dat het wiel brak zodra ze het aanraakte, een ander verhaal is dat het door de bliksem werd doorkliefd zodra ze er op gebonden werd.

Wekenlang liet men haar hierop liggen zonder voedsel. Steeds weer stond zij gezond en wel voor de keizer en vertelde hem zijn dwalingen; onder invloed hiervan bekeerde de vrouw van de keizer zich. Tenslotte liet de keizer haar in het jaar 306 onthoofden zodat hij van haar verlost was zijn. Engelen brachten daarop haar lichaam naar de berg Sinaï, waar nog steeds een klooster aan haar is gewijd.

De heilige Catharina is in afbeeldingen te herkennen aan het wiel waarmee zij geradbraakt werd en het zwaard dat haar doodde. Haar verloving met Jezus wordt soms afgebeeld met een verlovingsring die Hij – nog bij Maria op schoot – haar omdoet.

[nggallery id=2]

In de bouw van de Eindhovense Catharinakerk verwijzen de vele rozetten naar dit wiel, en wie goed oplet kan ook in de ramen wat verwijzingen vinden. Binnenin de kerk zijn enkele beelden van haar.