Gebouw

Sint Catharina

Naamgeefster van het gebouw is Sint Catharina. Catharina (287-305) werd in de derde eeuw geboren in Alexandrië in Egypte als de dochter van koning Costus. Dit is evenwel niet zeker, en ook al het andere overgeleverde berust op legendes. Zij ontmoette Christus vaak in visioenen, en ze bekeerde velen met haar wijsheid en overtuigingskracht. Uiteindelijk liet keizer Maxentius haar folteren op een wiel met nagels, en liet haar onthoofden.

Historie

In het jaar 1232 wordt de kerk voor het eerst genoemd. De toenmalige kerk is in 1485 verwoest. In 1489 is begonnen met de bouw van de middeleeuwse kerk. Deze kerk heeft een grote toren, die in 1552 tijdens een storm omwaait. In 1810 wordt de kerk, nadat ze is teruggegeven aan de katholieke gemeenschap, grondig gerestaureerd en weer betrokken. In 1860 wordt het gebouw alsnog gesloopt, en op 30 april 1861 wordt de eerste steen gelegd voor een kerk in neogotische stijl. Architect is dr. Petrus Cuypers (1827-1921), de oplevering is in 1867. Bij bombardementen in 1942 en 1944 wordt de kerk zwaar beschadigd. Na de oorlog wordt de kerk gerestaureerd onder leiding van architect C.H. de Bever. Sinds 15 augustus 1972 is de neogotische St. Catharinakerk rijksmonument, zowel het interieur als het exterieur.

Architectuur

De gevel is als die van een klassieke kathedraal. De torens zijn niet gelijk. Er is een mannelijke en een vrouwelijke toren. De zuidelijke, als u er voor staat de linker, is de vrouwelijke. Deze is sierlijker van bouw en wordt getooid met het kruis. De rechter, de noordelijke, is de mannelijke en wordt getooid met de haan. Hierin bevindt zich het Philips Carillon en het uurwerk. In de linker hangen de luidklokken: 4 in totaal.

Ramen

In het gebouw is een grote hoeveelheid gebrandschilderde ramen aangebracht. De ramen in de omgang achter het priesterkoor zijn van Charles Eyck (1897-1983). De overige, waarvan diverse met schildje met opdracht, zijn van Hugo Brouwer. De ramen boven de ingang zijn van Pieter Wiegersma, die in de kapel van Timpe.

Orgel

Het huidige orgel is gebouwd door de firma Verschueren in 1936 en heropgebouwd na in de oorlog te zijn verwoest. Het orgel beschikt over twee speeltafels: de grote hoofdspeeltafel met 4 manualen en pedaal en een kleine speeltafel voor de sacristiedeur met 2 manualen en pedaal. Vanaf beide speeltafels is het gehele instrument bespeelbaar. Het totaal aantal pijpen is 5725. Het is een van de grootste orgels in Nederland.

Beiaard

De beiaard omvat 61 klokken. Ze is in 1966 door het Philips personeel geschonken en was eerst geplaatst in het stadsdeel Strijp en is sinds 1987 naar de stadskerk verhuisd. Ze zijn gegoten door de Koninklijke Eijsbouts Klokkengieterij en Fabriek van Torenuurwerken B.V. te Asten. De klokken wegen samen 16005 kilo. Zij dragen allen het opschrift “Eijsbouts goot mij voor het Philipspersoneel in Nederland”. Aan de Philips Beiaard wordt een heel bijzondere plaats toegekend in de beiaardontwikkeling, omdat hij een omvang heeft van 5 octaven, hetgeen in 1966 uniek was en nog steeds uitzonderlijk is.

Archeologie

In de oorspronkelijke Catharinakerk zijn gedurende vele eeuwen Eindhovenaren begraven. De huidige voorzijde van de kerk is dan ook een dankbaar object voor Archeologen. Enkele jaren geleden kreeg de hier gevonden Marcus van Eindhoven landelijke bekendheid. Het koor van de middeleeuwse Catharinakerk wordt in 2005 en 2006 volledig opgegraven, waarbij van honderden skeletresten DNA-monsters wordt genomen.